donderdag 17 juni (geschreven op 27 juli)
In Nederland doen we het massaal. Zo’n 80% van de volwassenen, elke dag weer. Maar wel snel. Functioneel. Geen gedoe.
Staand in de keuken, half slapend onderweg of pas achter het bureau. Sommige jongeren en drukbezette volwassenen slaan het zelfs gewoon over. Toch zegt driekwart dat het belangrijk is.
Wij Nederlanders doen het als een administratieve handeling is: kort, koel en vooral niet warm. Alles draait om tijdbesparing.
Ik heb het natuurlijk over… het ontbijt. Het staat bekend als de belangrijkste maaltijd van de dag, maar is toch vooral een tussenstop in de ochtendchaos. Wakker worden, opfrissen, snel iets eten, lunch maken en tas volproppen, tanden poetsen, nog een snelle blik in de spiegel en hup – de fiets op: in een slurf van fietsende forenzen en half wakker onderweg naar kantoor.
Dit kan best eens anders, dus besluit ik mijn vriendin te verrassen met een ochtendpicknick: samen ontbijten in de natuur voor het werk. Omdat we donderdag allebei iets later op kantoor hoeven te zijn, is dat een geschikte ochtend. De avond ervoor haal ik broodjes en sap, maak en verstuur de onderstaande uitnodiging naar mijn vriendin en check nog één keer de weersvoorspelling.

Vroeg uit de veren om de laatste puntjes op de ‘i’ te zetten. Stokbrood met brie, walnoten, honing, tomaat en sla ingepakt in onze lunchbakjes, een thermoskan thee gezet, tas gepakt, opgefrist, tanden gepoetst, nog een snelle blik in de spiegel en hup: op naar de Helpermolen! Zo’n 10 minuutjes fietsen voor onze allereerste ochtendpicknick vóór het werk.
Alleen… de eerdere weersvoorspelling bleek wel gunstig, maar niet accuraat:
En ondanks alle goede intenties is picknicken in de regen wel avontuurlijk, maar niet praktisch. Dus vond de ‘picknick’ uiteindelijk plaats aan onze keukentafel. Niet op een bankje bij het Paterswoldsemeer, maar gewoon thuis. Toch slaagden we erin om de sleur te doorbreken. Normaal ontbijten we nooit samen en is het meestal een vluchtige hap.
Gelukkig hoeft het niet perfect te zijn om de sleur te doorbreken. De picknick bij de Helpermolen werd een keukentafelmoment, maar voelde alsnog als iets bijzonders. Het zat ’m niet in de locatie, maar in het idee om even stil te staan en iets anders te doen dan normaal. Ondanks de regenbui waren we alsnog een herinnering rijker, terwijl de ochtend anders wederom in sleur was vervallen.
Dus ja, de volgende keer misschien wél buiten. Of misschien niet. De dag begint in ieder geval leuker als je ‘even snel’ vervangt door ‘even anders’.